|
| ||
| ||
![]() | ||
Op 21 april 2004 (ruim een jaar later) ontvangt A.M.L. van Rooij van burgemeester en wethouders van Sint Oedenrode (ondertekend door burgemeester P.M. Maas en secretaris J.W.F. Compagne ) het besluit dat op bovengenoemd bestuursdwangverzoek aan Gebr. van Aarle B.V. voor onbepaalde tijd een gedoogbeschikking is afgegeven. Na daartegen jarenlang te hebben geprocedeerd, hetgeen volgens Van Rooij honderdduizenden euro’s heeft gekost en executoriale beslaglegging op al zijn onroerende goederen tot gevolg heeft gehad, heeft de Afdeling bestuursrechtspraak met als voorzitter mr. P.J.J. Buuren en de leden mr. S.J.E. Horstink-van Meyenfeldt en mr. P.B.M.J. van der Beek-Gillissen op 22 augustus 2007 onder zaaknummer: 200608899/1 daarop onherroepelijk uitspraak gedaan. In die onherroepelijke uitspraak heeft de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State letterlijk het volgende beslist: ![]() Volgens Van Rooij is met deze onherroepelijke uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State onherroepelijke jurisprudentie ontstaan dat evenals de Gebr. van Aarle B.V. (rechtspersoon) elk ander rechtspersoon in Nederland voortaan mag bouwen zonder een daarvoor vereiste bouwvergunning in strijd met het ter plaatse geldende bestemmingsplan op sterk verontreinigde grond in strijd met de ter plaatse geldende bouwverordening en die illegale bouwwerken ten minste 4,5 jaar lang mag gebruiken. Van Rooij stelt dat daarmee de Raad van State zichzelf feitelijk heeft opgeheven. |


